Gerda schrijft

21 February 2006

Koud, hè?

Filed under: Columns — Gerda @ 8:39 pm

Dat zul je nou altijd zien, wordt er ijs en sneeuw voorspeld en dan doet de verwarming het opeens niet meer. En nog erger, ook geen warm water tijdens de ochtenddouche. Een nare zaak, om het maar eens mild uit te drukken.

Gelukkig ontdekten we het al ’s morgens, dus alle tijd om actie te nemen, gehuld in een dikke trui uiteraard. En ook al gelukkig is goede raad in ons geval niet zo heel duur, want ik ben wel mooi getrouwd geweest met een loodgieter annex cv-monteur, met wie ik nog uitstekend uit de voeten kan.
Dus heb ik hem maar eens gebeld. Helaas kon hij niet aangeven of hij diezelfde dag nog kon komen. Dat was toch wel een teleurstelling, maar ik hield me dapper en zei, dat ik dan wel een verwarmingsmonteur zou bellen of zo. Maar nee, dat vond hij een slecht idee, dat kon makkelijk 250 Euro gaan kosten en dat was tóch zonde. Hij zou wel kijken wat hij kon doen.

Nou, die dag kon hij kennelijk dus nog niks doen, we hebben de avond kleumend doorgebracht en zijn maar vroeg naar bed gegaan.
De volgende morgen moesten we allebei weer blauw van de kou douchen. Ik had het helemaal gehad en stond op het punt een verwarmingsinstallatiebedrijf te bellen, toen de bel ging.
Ik deed open en daar stond een gereedschapskist. Een hoopvolle blik om het hoekje van de deur leerde mij, dat mijn allerliefste ex nog even wat uit zijn auto haalde, maar dan toch in aantocht was om ons uit onze treurige situatie te helpen.

Natuurlijk moest hij eerst weer zo nodig koffie, maar daarna klepperde hij dan toch de trap op om eens een blik op onze onwillige verwarmingsketel te gaan werpen. Binnen vijf minuten hoorde ik de thermostaat met een tik aanspringen en tien seconden later kwam mijn ex schaterend naar beneden. Hij had even water bijgevuld, want de manometer stond op nul. Fluitje van een cent, dat kon ik zelf ook wel, meende hij.

Nu dacht ik altijd, dat een manometer niet bestond, dat dat een grapje was van de Gebroeders Bever uit De Fabeltjeskrant, maar dat bleek een misvatting. Dat ding dient in de gaten gehouden te worden, moet op ongeveer anderhalf staan en als dat niet zo is moet je water bijvullen.
Hij heeft me nog even voorgedaan hoe dat moest, maar ja, Gerda en techniek, hè, het bleef niet hangen.

Dus toen twee weken later de radiator weer een ijskoude plaat ijzer bleef en we weer moesten douchen onder vrieskoud water heb ik een kwartier zwijgend naar allerlei slangen en zo onder de verwarmingsketel zitten staren. En vervolgens mijn ex maar weer gebeld, al was het weekend.
Nou, dat was toch niet echt normaal, dat er alweer water bij moest, hij kwam nog wel eens kijken. Ik hoorde zijn vriendin op de achtergrond nog bekken, dat hij meer voor mij over had dan voor haar. Zijn verweer was, dat hún verwarming het wél deed en dat ze niet moest zeuren, zolang zij het lekker warm had.

Afijn, er was lekkage op de kamer van mijn oudste zoon, maar zolang die half verteerde dooie muis daar lag, ging hij daar niks aan doen. Ik wist natuurlijk van geen dooie muis, want ik kom nooit op de kamer van mijn oudste zoon, maar het beest lag er inderdaad, in een plas water en in verregaande staat van ontbinding. Gadver…
Met zijn allen hebben we het kadaver verwijderd met stoffer en blik, een plastic zak en veel gegriezel. Geen plechtige begrafenis voor het arme diertje, slechts een doffe plof in de biobak werd zijn deel.
De lekkage werd verholpen, water werd bijgevuld en we hadden weer warmte.

Twee weken later…
Nogmaals die gereedschapskist met mijn ex eraan vast voor de deur. Deze keer water genoeg.
Hij heeft iets vervangen dat 65 Euro moest kosten, maar nu hebben we weer warmte. Geen idee voor hoe lang.

Ik wil dus maar even zeggen, dat een goed functionerende verwarmingsketel niet zo heel gewoon is, hoor!
Het is een Godsgeschenk als het zonder gezeur warmte afgeeft, maar dat weet je pas als het kreng het opgeeft…

5 February 2006

Mijn ex

Filed under: Columns — Gerda @ 11:13 pm

Ik wilde het eens een keer over iets anders hebben dan over mijn niet aflatende blijdschap met mijn huidige echtgenoot en mijn kids.
Ik wilde het eens over mijn ex hebben…

Mijn ex heeft een enigszins bizar gevoel voor humor. Niet dat dat de oorzaak was van het stranden van ons langjarig huwelijk, we hebben heel wat afgelachen, maar soms werd ik er niet helemaal vrolijk van.

Zo liep hij ooit naar de keuken om een biertje te scoren. Aangezien hij toch die kant op ging vroeg ik hem of hij de aardappelen even laag wilde zetten, als het water al kookte. Kwam ik 5 minuten later in de keuken, stond de pan aardappelen op de grond. Inderdaad, dat is lager dan het fornuis… Lachen, hoor!
Hij lag geheel in een deuk vanwege mijn nijd, maar er zat wel een rare smeltplek in het zeil en de aardappelen waren niet meer gaar te krijgen. Dan zat hij daar nog over te mopperen ook! Al met al vond ik het een prijzig geintje, het zeil was écht helemaal verpest.

Of hij debiteerde van die schattige complimenten zoals: Ach, zo stom als je eruitziet wordt je toch nooit, zo stom is niemand.
Het woordje “stom” is naar believen te vervangen door het woordje “oud”. Hij noemde me ook altijd “slome”, of soms “dooie” het zal wel zijn versie van “lieverd” zijn, want zijn huidige partner noemt hij ook zo. Zij is er, volgens mij, al net zo ongelukkig mee als ik was.
Hij legde dan wel liefhebbend een arm om me heen, maar toch klinkt “lieffie” leuker dan “slome”.

Ook irritant was het feit, dat hij heel natuurgetrouw net kon doen alsof hij viel en dat deed hij dan ook te pas en te onpas. Als ik dan bezorgd toeschoot om te kijken wat hij mankeerde en of ik kon helpen stond hij wijd grijnzend op en liep zonder een woord ginnegappend door. Het kon uiteraard niet uitblijven, dat hij op een dag een enorme smak maakte en ik er gewoon langsliep, terwijl hij, naar later bleek, zijn enkel gebroken had. Die keer was het dus écht. Razend was hij, dat ik hem zomaar had laten liggen! Maar met dat “grapje” heeft hij me daarna nooit meer geconfronteerd.

Hij reageerde ook wel eens wat onredelijk, zie onder andere bovenstaand voorbeeld.

Op een dag had ik boodschappen gedaan en was boter vergeten. Hij had het nog gevraagd voordat ik ging, maar inderdaad, zo stom als ik eruitzie word ik nooit, dus tóch vergeten, hè… Dat had ik dus expres gedaan, volgens hem en hij heeft me de rest van de dag doodgezwegen. Er zijn geen woorden om mijn verbazing en woede te beschrijven over dat soort onzinnige beschuldigingen, juist omdat hij het uit de grond van zijn hart meende.

Achteraf kan ik er allemaal best om lachen, maar ik ben toch blij dat ik zijn flauwe practical jokes en rare woede-aanvallen niet meer mee hoef te maken. Het is erg vermoeiend om nooit te weten hoe je echtgenoot zal reageren en je dus altijd wat voorzichtig moet zijn met wat je zegt of doet.

Helaas zie ik in mijn jongste zoon diezelfde rare neigingen. Sinds kort heeft hij een vriendin en behalve die rare val-grap gaat hij net zo met haar om als voorheen zijn vader met mij.

Ik moet daar maar eens een ernstig gesprek met hem over voeren…

 

Powered by WordPress