Gerda schrijft

28 April 2004

Tja…

Filed under: Columns — Gerda @ 7:31 pm

Zaterdagochtend, 9 uur…

Ik zit op de bank met koffie en de krant, vagelijk geplaagd door schuldgevoelens.
Eigenlijk moeten we namelijk onkruid wieden.
Het is droog, de zon schijnt, maar niet zodanig, dat men derdegraads brandwonden zal oplopen tijdens het wieden, maar ik heb er gewoon helemaal geen zin in.
En er ligt nog een afgrijselijke hoeveelheid was, ik moet dringend stofzuigen, de badkamer wil, behalve mij, ook wel weer eens een échte dweil zien, maar ik zit op de bank mijn krantje te lezen en koffie te leuten en heb het uitstekend naar mijn zin.

Mijn lief zit aan zijn pc foto’s te bewerken. Waarschijnlijk voelt hij zich ook vagelijk schuldig, want we hadden toch écht afgesproken dat we van allerlei nuttigs zouden gaan doen vandaag.
Er wordt van alles door ons gebabbeld, maar met geen woord wordt gerept van onkruid, vuile was, dweilen en andere barre zaken.
Ja, we kijken wel uit, voor we het in de gaten hebben zitten we straks nog op handen en voeten in de tuin!

Dus heb ik schuldgevoelens, want ik weet nu al dat er vandaag weer niks van komt.
We zouden natuurlijk een hulp in de huishouding en een tuinman kunnen inhuren. Want we zijn wérkelijk uitermate hulpbehoevend betreffende voornoemde en andere zaken in en rond het huis. Maar ja, dat kost het nodige en we zeggen telkens tegen elkaar dat het niet nodig is en ook niet nodig zou mogen zijn, omdat we dat soort dingen prima zelf kunnen.
Ongetwijfeld is dat ook zo. Probleem is dat we het wel zouden kunnen, maar het gewoon niet doen.
Na mijn krantje, de koffie en het foto bewerken zijn we een stuk gaan wandelen in het zonnetje. Lekker gelummeld op een bankje. Foto’s gemaakt, die morgen natuurlijk weer bewerking nodig hebben. Je kunt immers niet bijtijds genoeg een alibi regelen?

Zaterdagavond, 9 uur…

Helaas, vandaag weer niks huishoudelijks gedaan, behalve boodschappen.
Morgen gaat het volgens de berichten regenen, dus komt er van wieden niks, maar de was en de badkamer, echt, echt en écht, dat gaan we doen, zo hebben we afgesproken.

Zondagmorgen, 9 uur…

De foto’s van gisteren worden bewerkt. Op de televisie is een leuke documentaire, die ik zit te kijken terwijl ik koffie drink. Het weer valt enorm mee, dus misschien kunnen we nog even naar de Oostvaardersplassen of zo?
Wij roepen onszelf tot orde, vandaag moet het echt gaan gebeuren, hoor!
Maar ja, je kunt maar tegengewerkt worden in je goede voornemens.
Er ligt een volwassen alp vuile was, maar als ik op kleur sorteer heb ik steeds nét geen wasmachine vol.
Toen mijn lief de badkamer wilde gaan dweilen stond toevallig mijn zoon te douchen.
Het heeft vannacht toch best geregend, het is in de tuin een modderpoel.
En zodoende staat het onkruid nog steeds 50 cm hoog, waarbij we als smoes kunnen aanvoeren, dat het dan makkelijker wiedt.

Zondagavond, 9 uur…

Het was heerlijk in de Oostvaardersplassen.

Tja…

21 April 2004

Hoe makkelijk is makkelijk?

Filed under: Columns — Gerda @ 7:26 pm

Wie mijn stukjes regelmatig leest zou zomaar in de veronderstelling kunnen verkeren, dat ik een makkelijke moeder ben. In veel opzichten is dat ook zo. Maar ik kan ongelofelijk zeuren om de kleinste kleinigheden.
Tenminste, mijn zoon vindt het kleinigheden, ik heb er vaak een andere mening over.
Houd me ten goede, soms heeft hij gelijk, maar meestal heb ik gelijk.
Vind ik…

Een paar voorbeelden? Bereidt u voor op schokkende familietaferelen!

Ik kom ’s morgens uit bed, er van overtuigd dat ik nog genoeg shag heb voor mijn ochtendpeukje. Op mijn werk mag ik niet roken en dat vind ik geen punt, maar ik wil ’s morgens wel graag even een teugje nicotine tot mij nemen. Maar nee, ergens gedurende de nacht, terwijl ik in dromenland vertoefde, heeft een vriend van mijn zoon de laatste kruimels de lucht in geblazen.
Dames en heren, ik kan u melden, dat dat enorm afzien is! En dat daar ook grote commotie over is geweest!

Nog zoiets, ik kom uit mijn werk en denk dat er nog genoeg te eten en drinken in huis is en dat ik dus geen boodschappen hoef te doen. Fout! Meneer Zoon heeft vrijwel de complete voorraad geconsumeerd. En het is raar maar waar, het regent dan altijd. Kan ik in de stromende rotregen alsnog naar de winkel, waar hij werkt en waar ik hem dus pisnijdig tegenkom, om te foerageren.
Neenee, hij niet pisnijdig, maar ik!
Je zou de onschuldige grijns eens moeten zien, die hij dan etaleert. Ja, ik had honger, ma!
Manman, die moet een berenhonger gehad hebben, dat staat vast!

Of dan liggen we in bed en plotsklaps klinkt vanaf zijn zolderkamer luid gebas. Er moet zomaar even geoefend worden.
- Hallo, gek! Het is 2 uur!
- Oh sorry, mam…
- Gromgrom…
Hij is verdomme 23, op welke leeftijd worden hersens actief?

Onlangs schoot me opeens verschrikkelijk in het verkeerde keelgat, dat twee dames uit zijn kennissenkring hier aan mijn pc hebben zitten vlooien en mijn twee dierbare Sinterklaaskikkertjes hebben opgegeten.
Het is misschien flauw voor twee volwassen mensen, maar die stomme chocoladekikkertjes waren voor ons een fijne herinnering aan een bijzonder leuk weekend.
Bewust hebben we ze meegenomen en nooit opgegeten. Ze stonden tussen onze pc’s gewoon gezellig te staan, samen met twee sinterklaasmuisjes.
En dan blijken twee, mij wildvreemde dametjes hun hagelwitte tandjes in onze kikkertjes te hebben gezet en de glimmende verpakking achteloos op de grond te hebben gegooid.
Jawel, op de grond gegooid, de prullenbak staat een hele meter verderop, hè…
Ook hebben ze een halve zak Milky Ways weggevreten en daarvan ook overal de verpakkingen rondgestrooid. Ze hebben de defragmentatie van mijn E-schijf (en die is gróót, kan ik u vertellen, dus dat is een langdurige grap, die ik daarom ’s nachts uitvoer) afgebroken omdat internet zo traag was.
En waar was in die tijd mijn zoon? Geen idee! Hij was er niet bij, wist hij te vertellen, maar hij had ze daar gestationeerd dus hij wist wel dat de meiden daar zaten.

Het zal wel een stomme vraag zijn, hoor, maar hoe krijgt iemand het in zijn/haar hoofd zomaar ergens zonder vragen van alles op te gaan zitten eten en zo?
Het klinkt misschien overdreven, maar het voelt een beetje alsof er is ingebroken.
Dat wildvreemde mensen in jouw spullen hebben zitten potelen.
Dat twee van die giechelgrieten misschien wel de liefdevolle mails hebben zitten lezen, die mijn lief en ik elkaar sturen. De persoonlijke columns die ik heb geschreven, hebben zitten doorlezen. Dat ze dus, verdorie, zonder enige schroom aan MIJN spullen zitten en MIJN dierbare herinneringen opeten.

Ben ik dan flauw, als ik mijn zoon vertel dat als zoiets ooit weer gebeurt, mijn pand voortaan voor al die rare mensen gesloten gebied is?
Nou, hij vindt van wel en ik vind van niet.

En ben ik dan flauw, als ik eigenlijk toch wel een excuus verwacht? Nou, vergeet het gerust, niks excuses. Maar als ze even willen vertellen waar zij fijne en onvervangbare herinneringen aan hebben, dan kom ik dat ook even lekker stuk maken!

Ik heb een wachtwoord op mijn pc gezet. Groot was de ontsteltenis.
Na enig uitpraten en wederzijds mekkeren hebben we ons geschil bijgelegd.
Het wachtwoord is weer van de pc en er komen geen vreemde dames meer in mijn bestanden graven.
En anders komt er definitief een wachtwoord voor.

Ook toffe moeders zijn soms zeurpieten.
Het zij zo…

14 April 2004

Dikke bakken en wij

Filed under: Columns — Gerda @ 7:20 pm

Nederland telt toch wel een redelijk groot aantal héél vervelende mensen.
En dan bedoel ik niet die pubers, die hun leraren mishandelen en zelfs overhoop schieten.
Ook niet die vreemde figuren die hun buren om zeep helpen en vervolgens jarenlang hun plantjes water geven en hun post sorteren.
Dat is niet te begrijpen tuig.

Het volk waar ik het over heb is, zolang het goed gaat, minder schadelijk maar evenmin helemaal te begrijpen.
Ik heb het over menig bestuurder van zo’n enorme Landrover en hoe die andere grootgewielde bakken ook mogen heten. Motorrijders hebben er ook weleens een handje van, maar toch een stuk minder.
Ik zal mijn grief even uitleggen.

Wij kijken graag naar vogels en andere natuur. Althans, ik kijk en mijn lief fotografeert. Kortom, we vallen in de categorie “vogelaars”.
Vaak, en ik bedoel écht vaak, staan we ergens in een berm door onze verrekijker vogels te kijken en dan scheurt er weer zo’n enorme 4-wheel-drive met een rotgang voorbij. Als toppunt van humor luid claxonnerend en zo dicht langs ons heen, dat onze haren er van wapperen en de kluiten berm ons rond de oren vliegen.
Niet dat de vogels zich er iets van aantrekken, die vinden alles best, als er maar eten is. Dus die eikels schieten hun doel geheel voorbij. Maar irritant is het wel, want het is in feite natuurlijk levensgevaarlijk.

Vogelaars worden op alle plekken in Nederland zo bejegend. Misschien in andere landen ook, maar dat weet ik zo niet. Maar wij kijken altijd even om, voor we een stapje naar achteren zetten, je weet immers nooit, straks komt er weer zo’n idioot opzettelijk met een bloedgang op een afstand van 10 centimeter langsraggen.

Zoiets heeft natuurlijk twee kanten.
De bestuurder die onze enkels en levens bedreigt denkt natuurlijk: “Daar staan weer zo’n stelletje halve garen met een verrekijker naar vogels te staren. Ik zal ze eens lekker de stuipen op het lijf jagen. Get a life, folks!”
En wij staan daar lekker te genieten, we vallen niemand lastig en krijgen die gek bijna in onze schoenen. En dan denken wij toch ook: “Daar heb je weer zo’n halve zool die zich denkt te moeten bewijzen door veel te hard te scheuren in een veel te grote lawaaibak, die denkt dat hij grappig is. En dat verdorie in een natuurgebied! Get a life, man!”
Natuurlijk doen niet alle bestuurders van een dikke auto zo. De meeste auto’s, groot en klein, rijden normaal langs ons heen. Bijna allemaal kijken ze wel wat smalend, maar het is nu eenmaal zo, dat onze hobby als nogal sullig wordt beschouwd.

Dat wij vaak voor dag en dauw in weer en wind door de polder sjouwen om maar een of andere vogel te zien is uiteraard geheel vrijwillig en wellicht raar, maar ik zie het niet iedereen doen.
Maar goed, terwijl wij daar staan te genieten van de eindelijk ontdekte, door ons gezochte vogel en niemand kwaad doen wordt ons leven min of meer bedreigd door een soort would-be-macho’s. Rond een uur of twee in de middag lijken ze uitgeslapen genoeg te zijn om anderen lastig te vallen. Dan hebben we gelukkig al vele uren ongestoord pret gehad, maar vervolgens breekt dan ook de pleuris uit.

Ik weet werkelijk niet wat stompzinniger is.
Keuze a: Naar veel te ver weg zittende vogels kijken met een verrekijker.
Keuze b: Een medemens, die iets volstrekt onschuldigs aan het doen is waar jij geen begrip voor hebt, bijna van zijn/haar sokken scheuren.

Ik vind persoonlijk toch dat dat laatste de stompzinnigheidsprijs verdient.
Laat ons toch lekker met rust!

Powered by WordPress