Ik ben goed in soep
Op een of andere manier zijn mijn mannen helemaal blij als ik aankondig dat ik de volgende dag soep ga maken. Onwillekeurig wat voor soep. De aangeschafte ingrediënten worden kritisch bekeken en vervolgens geprezen. Nogmaals, het maakt niet uit wat voor soep.
Tomaten, kippen, groenten, champignons, verzin het maar, ze zijn er verzot op. En het komt toch bijna allemaal uit pakjes en zakjes, hoor. Neemt niet weg, dat het iedere keer een hele ceremonie schijnt te moeten worden.
Het feest vangt meestal aan op zaterdag, ik moet tenslotte ook de hele week gewoon werken. ’s Morgens zet ik dan lekker poulet op. Met bouillonblokjes en kruidenbuiltjes, en oeh, wat gaat het dan lekker ruiken in huis. Dan scharrelt mijn zoon in de loop van de dag binnen en kreunt: Oh, wat ruikt het lekker hier. Is de soep al klaar?
Nee dus.
Vooral runderpoulet moet, wat mij betreft, ettelijke uren zachtjes koken en ontzettend lekkere geuren door het huis verspreiden. En dan rond 6 uur gaan de aanvullende ingrediënten er in. Natuurlijk niet voordat beide mannen een kopje pure bouillon hebben gekregen, dat vinden ze ook al erg lekker.
En dan keutelt het spul rondom me in de keuken om het verloop van de verdere soepbereiding te volgen.
De toevoeging van de pakjes tomatensoep, de verse groenten in geval van groentensoep, de prei en champignons in geval van kippensoep en zakjes champignonsoep en champignons als het champignonsoep moet worden. Maar vooral de toevoeging van de vermicelli, want dat moet ruimhartig gestrooid worden. En ruimhartig gestrooide vermicelli betekent dat de soep een tamelijk stijve massa wordt. Dat vinden ze lekker, dat is kennelijk het succes van mijn soep. Veel vlees, veel vermicelli en veel smaak. Mijn mannen zijn bepaald geen vegetariërs noch fijnproevers.
Ik maak meestal een liter of acht soep. Veel, ja, voor twee grote mannen en een klein vrouwtje…
De volgende dag kook ik dan een liter of twee pittige bouillon van blokjes plus een zakje Knorr en na afkoelen gooi ik die bij de rest van de soep, zodat het weer een beetje schepbaar wordt.
Dan heb ik toch tien liter soep gekookt en dat gaat in twee dagen schoon op!
Erwtensoep en bruine bonensoep zijn wat minder geliefd, dan is een litertje of 6 wel genoeg.
En dat is wel jammer, want die vind Ãk nou net het lekkerst…
Maar het is wel grappig om te zien dat er ’s morgen met soep wordt ontbeten, rond 1 uur met soep wordt gelunched en er ’s avonds wordt gebaald dat de soep op is!
Dan bak ik tosti’s, vinden ze ook lekker.
Voor de goede orde, dit culinaire evenement vindt hooguit een keer per kwartaal plaats, als ik een aanval van huishoudelijke aard krijg. Meestal moeten ze het gewoon doen met een makkelijke hap.
Zoals Chinees of Italiaan.
Maar verdomd als het niet waar is, ik kook enorm lekkere soep!
Joepie! Soepie!
Aha – vandaar de soeppan!!Hihi..